Bewegen op het kinderdagverblijf: juist nu ligt er een kans
Op warme zomerdagen krijgen scholen veel aandacht. Tropenroosters, kortere lesdagen en extra verkoeling zijn regelmatig in het nieuws. Kinderdagverblijven blijven in de zomer gewoon open. Jonge kinderen brengen er dagelijks veel tijd door en juist daarom is het belangrijk dat zij ook tijdens warme dagen voldoende kunnen bewegen.
Nieuw onderzoek van het Mulier Instituut laat zien dat bewegen op vrijwel alle kinderdagverblijven belangrijk wordt gevonden. Toch is er nog veel winst te behalen in de manier waarop bewegen onderdeel wordt van de dagelijkse praktijk.
Bewegen krijgt aandacht, maar nog niet overal structureel
Uit het onderzoek blijkt dat vrijwel alle pedagogisch professionals vinden dat bewegen een belangrijke taak is van de kinderopvang. Ook is bewegen op veel locaties opgenomen in het beleid. Toch blijft het in de praktijk vaak bij losse beweegmomenten. Structurele aandacht tijdens teamoverleggen, scholing en dagelijkse routines ontbreekt nog regelmatig.
Dat is opvallend, want juist de kinderopvang heeft veel invloed op de ontwikkeling van jonge kinderen. Inmiddels bezoekt ongeveer driekwart van de kinderen tussen 0 en 4 jaar een kinderdagverblijf. Daarmee is de opvang, naast thuis, één van de belangrijkste plekken waar kinderen leren bewegen.
De grootste winst zit in de gewone dag
Kinderen hoeven geen sportles te volgen om voldoende te bewegen. Sterker nog, het onderzoek laat zien dat juist de dagelijkse momenten kansen bieden. Denk aan samen opruimen, buiten eten, een verhaal in de buitenlucht of een route naar de zandbak waarbij geklommen, gebalanceerd of gesprongen wordt.
Wanneer bewegen onderdeel wordt van de dagelijkse routine, hoeft het geen extra activiteit te zijn. Het gebeurt vanzelf, meerdere keren per dag.

De buitenruimte kan veel werk uit handen nemen
Een slimme buitenruimte ondersteunt pedagogisch medewerkers. Niet doordat zij voortdurend activiteiten hoeven te organiseren, maar doordat de omgeving kinderen vanzelf uitdaagt.
Een speelheuvel nodigt uit tot klimmen. Boomstammen worden balansbalken. Zand verandert in een bouwplaats. Water zorgt voor ontdekken, experimenteren en verkoeling. Door verschillende speelaanleidingen met elkaar te combineren ontstaan er vanzelf beweegmomenten, zonder dat ieder spel bedacht hoeft te worden.
Dat sluit goed aan bij de conclusie van het Mulier Instituut dat vrij bewegen op veel locaties al sterk aanwezig is. De uitdaging ligt vooral in het verder verweven van bewegen in de hele dag.

Ook de zomer vraagt om een doordachte buitenruimte
Warme dagen betekenen niet dat kinderen minder naar buiten hoeven. Wel vraagt het om een buitenruimte die daarop is ingericht.
Bomen zorgen voor natuurlijke schaduw en verkoeling. Groene beplanting helpt de omgevingstemperatuur te verlagen. Water- en zandspel blijven aantrekkelijk, terwijl schaduwplekken ervoor zorgen dat kinderen ook op warme dagen prettig buiten kunnen spelen.
Zo blijft de buitenruimte een plek waar kinderen kunnen ontdekken, bewegen én afkoelen.
Van losse activiteiten naar een beweegcultuur
Het onderzoek laat zien dat veel professionals behoefte hebben aan meer kennis, scholing en ondersteuning rondom beweegstimulering. Daarnaast adviseren de onderzoekers om bewegen sterker te verankeren in beleid, samenwerking en de dagelijkse pedagogische praktijk.
Een beweegvriendelijke buitenruimte kan daarbij helpen. Niet als vervanging van goed pedagogisch handelen, maar als een omgeving die kinderen iedere dag opnieuw uitnodigt om actief te zijn.
Iedere dag een kans om te bewegen
Voor jonge kinderen is bewegen veel meer dan energie kwijt kunnen. Tijdens het spelen ontwikkelen zij hun motoriek, leren zij samenwerken, ontdekken zij hun omgeving en groeien zij in zelfvertrouwen.
Juist daarom verdient de buitenruimte een plek in de visie op kinderopvang. Niet als speelplek voor af en toe, maar als een vanzelfsprekend onderdeel van iedere opvangdag.

Samen werken aan een beweegvriendelijke kinderopvang
Het Mulier Instituut concludeert dat bewegen op de kinderopvang breed wordt gedragen, maar dat de grootste winst nog zit in de structurele inbedding ervan.
Een buitenruimte die uitnodigt tot ontdekken, klimmen, balanceren, spelen en ontmoeten helpt om bewegen vanzelf onderdeel te maken van de dag. Juist in de zomer, wanneer kinderen veel buiten zijn, laat zo’n omgeving zien hoeveel invloed een goed ontworpen speelplek kan hebben op hun ontwikkeling.
